Title dissertation The Systematic Activation Method: a nursing intervention study for patients with late life depression
Name PhD Frans Clignet
University Vrije Universiteit Amsterdam
Date of uphold dissertation 23/02/2018
Short description

Een depressie een van de meest voorkomende psychiatrische stoornissen bij ouderen en heeft een enorme impact op het gehele functioneren. Mensen met een depressie zitten vast in een negatieve cirkel van somberheid en een gebrek aan interesse in bijna alle activiteiten. Zij zijn niet in staat om zelf deze cirkel te doorbreken. Verpleegkundigen kunnen een erg belangrijke bijdrage leveren aan het doorbreken van deze cirkel maar is slechts weinig onderzoek gedaan naar effectieve verpleegkundige interventies. En dit geldt in het bijzonder voor de groep ouderen.
Het promotieonderzoek van Frans heeft betrekking op het ontwikkelen en testen van een verpleegkundige interventie (de Systematische ActiveringsMethode ofwel SAM) bij ouderen met een depressieve stoornis. De SAM is een kortdurende gedragsmatige cursus waarbij depressieve patiënten leren dat het uitvoeren van positieve activiteiten een gunstige invloed heeft op het verminderen van depressieve symptomen. Dit doen zij door het uitvoeren van positieve activiteiten in combinatie met het bijhouden van een stemmingsdagboek. Er zijn 4 studies uitgevoerd. De eerste studie was een meta-analyse van 12 studies van psychologische interventies bij depressieve mensen die klinisch zijn opgenomen. De resultaten van deze studie lieten zien dat psychologische interventies effectief zijn ten opzichte van de gebruikelijke zorg. Daarbij lieten de resultaten zien dat “Behavioral Activation” (zoals de SAM) effectiever is dan andere vormen van psychologische zorgverlening. De tweede studie was een experimentele studie waarin de SAM op 5 afdelingen werd ingevoerd en vergeleken met 5 afdelingen waarin de SAM niet was ingevoerd en de patiënten alleen de gebruikelijke zorg ontvingen. De afdelingen waren allen afdelingen van psychiatrische centra waar mensen waren opgenomen van 60 jaar en ouder. Er zijn in totaal 55 patiënten geïncludeerd (30 in de experimentele groep en 25 in de controlegroep). De resultaten van deze studie lieten zien dat er geen verschillen zijn tussen de afdelingen waarin de SAM ingevoerd was en de afdelingen waar alleen de gebruikelijke zorg werd geboden. De belangrijkste oorzaken zijn vermoedelijk dat de SAM onvoldoende is uitgevoerd door de verpleegkundigen en dat er te weinig patiënten zijn ingestroomd in de studie. De derde studie was een evaluatiestudie van de bevorderende en belemmerende factoren die invloed hebben op de invoering van de SAM in de praktijk. Deze studie werd uitgevoerd bij 12 verpleegkundigen die de SAM hebben toegepast bij de patiënten. Deze verpleegkundigen zijn gevraagd naar hun ervaringen met het uitvoeren van de SAM in de dagelijkse praktijk. De resultaten van deze studie lieten zien dat verpleegkundigen bij de aanvang van de studie veel vertrouwen hadden in de toepasbaarheid en werkzaamheid van de SAM in de praktijk maar dat de daadwerkelijke toepassing moeizaam verliep. De verpleegkundigen merkten dat de patiënten zeer passief gedrag vertoonden. Dit adresseerden zij niet alleen aan de depressie maar ook aan eventuele persoonlijkheidskenmerken van de patiënten. Tevens merkten de verpleegkundigen dat de therapeutische relatie onder druk kwam te staan bij toepassing van de SAM vanwege de weerstand van de patiënten om activiteiten te ondernemen. Een flexibel gebruik van de SAM en de ondersteuning van de collega’s werden als bevorderende factoren gezien bij het gebruik van de SAM. De vierde studie was een exploratieve studie naar de zorgverlening bij onvervulde zorgbehoeften en de tevredenheid over de zorg die geboden werd bij 99 depressieve patiënten in een ambulante psychiatrische setting. De resultaten lieten zien dat deze patiënten in de meeste gevallen wel hulp kregen op hun onvervulde zorgbehoeften (80%) waarin de helft van de hulp werd gegeven door mantelzorgers. Ook waren de mensen over het algemeen tevreden over de hulp die zij kregen (78%).

Belangrijkste conslusies
Op basis van dit proefschrift kan geconcludeerd worden dat het toepassen van psychologische interventies zoals de SAM door verpleegkundigen in een klinische setting niet effectiever lijkt te zijn dan de gebruikelijke zorg. Het is echter niet duidelijk in hoeverre een onvolledige invoering van de SAM in de praktijk hierin een rol heeft meegespeeld. Door de complexiteit van de patiëntengroep is het belangrijk dat de verpleegkundigen beschikken over voldoende vaardigheden om motiverende technieken te combineren met gedragsmatige interventies. Daarnaast dient er voldoende aandacht te zijn voor de borging van SAM in dagelijkse praktijk.